Energieverbruik

  • In de MER staat opgenomen dat het datacenter 1380GWh per jaar aan energie gaat gebruiken. 
  • Dat is vergelijkbaar met twee keer het totale energiegebruik (inclusief aardgas, transportbrandstof etc) van gemeente Zeewolde (gegevens 2015).
  • Alle opgewekte energie, zowel grijs als groen, wordt geleverd aan het hoogspanningsnet. Het datacenter wordt aangesloten op het hoogspanningsnet. Afhankelijk van de energieleverancier neemt het datacenter een mix van overal in Europa opgewekte stroom af.
  • Er wordt in samenwerking met Tennet een nieuw onderstation op het datapark gerealiseerd. Dit onderstation zorgt voor een gegarandeerde levering van de benodigde elektriciteit en voor verruiming van de capaciteit van het net. Zo komt er meer ruimte op het elektriciteitsnet om groene energie terug te leveren.
  • Het te realiseren datapark behoort tot één van de meest efficiënte ter wereld. De gemiddelde Power Usage Effectiveness (PUE) van dit datapark komt onder de 1,15 te liggen. Dit betekent dat bijna elke watt die het datacenter binnengaat, wordt gebruikt om de computerapparatuur te laten draaien. Minder dan 15 procent van de energie-input wordt gebruikt voor niet-computertaken ter ondersteuning van de infrastructuur van de faciliteit.
  • Vergeleken met chemische industrie zijn datacenters minder energie-intensief, vergeleken met landbouw zijn ze juist meer energie-intensief. Gelet op de elektriciteitsinfrastructuur in Flevoland is er genoeg elektriciteit en transportcapaciteit voorhanden voor dit datacenter in Zeewolde.
  • Het is in verband met de hoeveelheid apparatuur op het dak niet gewenst om zonnepanelen op de daken van het datacenter te plaatsen. 
  • De initiatiefnemer van het datacenter heeft aangegeven dat zij elders in Nederland of Europa willen participeren in projecten die minimaal zoveel groene energie opleveren als hetgeen het bedrijf gebruikt.

  • Het Centraal Bureau voor de Statistiek CBS houdt bij hoeveel energie we in Nederland gebruiken. Of het nou aardgas, diesel, steenkool of elektriciteit is.
  • Om het op te kunnen tellen en te vergelijken wordt alle gebruik omgerekend naar petajoules.
  • In 2019 gebruikten datacenters 9,9 petajoule (CBS 2020) en dat is 0,32% van alle dat jaar in NL verbruikte energie. Het datacenter in Zeewolde gaat omgerekend maximaal 5 petajoule gebruiken. Opgeteld bij de andere datacenters is dat landelijk 0,48% van alle energie. Aanzienlijk, maar niet veel in vergelijking met andere industrieën.

  • In de media is gesuggereerd dat Meta voorrang zou hebben gekregen bij hun aansluiting op het netwerk van TenneT.
  • Dat is een onjuiste stelling. Bedrijven die een hele zware aansluiting willen van meer dan 10 MW kunnen zelf kiezen of zij die aansluiting en het onderstation door TenneT laten aanleggen of dat zelf doen (dit staat ook in de brochure van TenneT).
  • Als TenneT de aansluiting aanlegt, dan moeten zij voldoen aan veel eisen vanuit de regulering. Bijvoorbeeld uitrekenen dat zij de door ons allemaal te betalen investeringskosten ook in de komende 40 jaar weer terug gaan verdienen. Dat moeten ze met alle bewijzen voorleggen aan de ACM en die moeten er weer over in gesprek met het ministerie van EZK. Een tijdrovende procedure die gaat vooraf gaat aan het proces van vergunningen. 
  • Diverse bedrijven in Nederland die zeker wisten dat zij gedurende vele jaren een aansluiting nodig hebben, kozen ervoor om die zelf aan te leggen. Het is een investering van in dit geval tientallen miljoenen, maar het levert een hoop tijdwinst op.
  • Bijzonder in het geval van Meta in Zeewolde is dat zij het onderstation nadat het gebouwd is niet uitsluitend voor eigen gebruik houden, maar ze geven het terug aan TenneT. Dat betekent dat de resterende capaciteit van enkele tientallen megawatt’s kan worden ingezet voor andere bedrijven op Trekkersveld 4 en bovendien om nabije wind- en zonneparken aan te sluiten en daarmee het netwerk van Liander te ontlasten. Een groot voordeel voor de regio én de verduurzaming.

  • Datacenters, en specifiek de grote partijen, zijn de grootste afnemers van groen opgewekte stroom. Ze zijn daarmee een belangrijke aanleiding voor de bouw van aanvullende capaciteit. Dit is ook de voornaamste reden dat er geen subsidie meer nodig is voor de windparken op zee.
  • Een nieuw datacenter van Facebook zal dit proces opnieuw versnellen.
  • Mevrouw Manon van Beek, CEO van Tennet geeft dan ook aan dat het dringend noodzakelijk is dat er meer van dit soort grote meerjarig contracterende afnemers komen. Daarmee ontstaat de omgeving waarin ook steeds meer groene waterstof kan worden geproduceerd. Ofwel de datacenters met hun inkoopkracht zetten geen druk op de verduurzaming, ze stimuleren die juist.

  • Net zoals iedere Nederlander en ieder bedrijf kunnen datacenters certificaten van duurzame energie inkopen gerelateerd aan hun elektragebruik.
  • Dit bedrijf wil, juist omdat zij veel energie gebruiken, liever groene dan grijze energie gebruiken. Dit kan alleen door certificaten te kopen.
  • Een datacenter kan nooit een directe levering vanuit bijvoorbeeld windmolens accepteren, omdat dit vanwege het wisselende weer geen stabiele stroomlevering geeft.
  • Voor datalogistiek is een constante en stabiele stroomlevering noodzakelijk.

  • Het datacenter wordt aangesloten op het hoogspanningsnet.
  • Op het terrein van het datacenter wordt een nieuw onderstation gebouwd (het onderstation aan de Bloesemlaan blijft ook operationeel).
  • Door het nieuwe onderstation komt er weer wat ruimte op het energienet voor teruglevering van (groene) stroom.
  • De MER gaat uit van zowel bovengrondse als ondergrondse aansluitingen.
  • Het nieuwe substation wordt tweezijdig aangesloten op de 150 KV leiding, dus kan zowel stroom uit Lelystad als Almere ontvangen.
  • Er is op dit moment geen “alliander” aansluiting voorzien, dus dit nieuwe onderstation vangt geen storingen op van het onderstation aan de Bloesemlaan.

  • Voor datalogistiek is een constante en stabiele stroomlevering noodzakelijk vanwege bedrijfskritische processen met servers en data.
  • Het datacenter wordt rechtstreeks op het hoogspanningsnet aangesloten. Omdat storing op het hoogspanningsnet zeer zeldzaam is, zijn er door deze rechtstreekse aansluiting minder generatoren nodig dan oorspronkelijk gepland. 
  • Mocht er een stroomstoring zijn, dan maakt het datacenter gebruik van 34 dieselgeneratoren voor de noodstroomvoorziening.
  • De generatoren worden iedere maand, twee aan twee, een uur getest (dus het testen van alle generatoren gebeurt in totaal in 17 uur per maand).
  • De dieselgeneratoren zijn elk voorzien van een eigen opslagtank. 33 Generatoren hebben een opslagtank van 25m3, 1 generator heeft een tank van 8m3 (dit betekent dat er in totaal zo'n 833.000 liter diesel wordt opgeslagen).
  • De opslagtanks moeten voldoen aan de vereisten van de bodemwet.
  • Bij de vergunningsaanvraag moet een uitgebreide veiligheidsanalyse aangeleverd worden. Deze wordt gecontroleerd en beoordeeld door de Veiligheidsregio.